Zoals het elk jochie betaamt in de groeistuipen van zijn pubertijd keek ik met smart uit naar de jaarwisseling. De tijd van kanonslagen, duizendklappers en voetzoekers stond weer voor de deur. Vuurwerk! Altijd weer een sport om iemand te vinden die z’n kelderbox vol had liggen met illegale partijen van dit knalspul, alleen ... Dit jaar wilde dat niet zo lukken, de razzia’s door de Rijkspolitie aan de grens van Belgie waren niet van de lucht, er werden veel, heel veel handelaren opgebracht.
Wij waren dat jaar dus overgeleverd aan de reguliere handel, maar ja, we vonden ons wel stoer maar er was niemand in ons groepje die voor 18 lentes door kon gaan. Dat werd dus posten voor de vuurwerkwinkel, in ons dorp was dat er maar 1, een feestartikelenzaak die volgens mij zijn voortbestaan aan het fenomeen vuurwerk te danken had. Gelukkig was het in die tijd zo dat er al een volle week voor de eigenlijke oudejaarsviering ingekocht mocht worden, de rijen met vuurwerkgekken waren vanaf de eerste dag al meters lang !
Daar stonden wij dan, voor de deur van die winkel, bedelend als een melaatse bij elke klant die ons wilde aanhoren, of niet, om alsjeblieft ook voor ons iets in te slaan. Het hele jaar hadden wij van ons zakgeld gespaard, en dat wilden wij er nu met bakken uitgooien! Na een dag flink bedelen kwamen wij tot de conclusie dat het allemaal niet zoveel zin had, werkelijk niemand wilde ons helpen, ook niet voor grof geld. Al hadden we circuskunstjes gedaan, niemand durfde het aan om minderjarigen iets te verkopen, ik kon het ze niet kwalijk nemen, er werd dit jaar extra op gelet.
Op de laatste dag van de verkoop was het ontzettend druk voor de vuurwerkwinkel, met nog steeds ons gespaarde geld in onze zakken begonnen we aan onze, gewijzigde, campagne. Deze keer versterkt door ons buurmeisje, wij namen het zekere voor het onzekere, zij moest zelf niets van vuurwerk hebben maar zij was ons geheime wapen voor het geval het allemaal weer niet wilde lukken deze laatste verkoopdag. En dat bleek een goeie zet, ons buurmeisje met haar blauwe ogen en blonde haar deed wonderen, de ene na de andere man die zij bewerkte was genegen iets extra’s mee te nemen.
Conclusie na dit dagje posten was trouwens dat oudere vuurwerkgekken ook nog eens pedofielen bleken te zijn en dus dubbel gevaarlijk! We dachten er verder maar niet bij na of wij later ook zo zouden worden, we hadden vuurwerk en daar ging het tenslotte om. Nu stelde dat legale vuurwerk natuurlijk niet zo heel veel meer voor door alle regeltjes die steeds strenger werden, dat was ook de reden dat wij ons buurmeisje enkel mini 70-klappers gaven voor bewezen diensten. Zij wilde ook weleens de sensatie van vuurwerk meemaken. Voor wie het wat matig vindt: dit was extra, bovenop de geldelijke beloning.
Ze had 1 eigenaardigheid, nee, eigenlijk 2. Telkens als ze zo’n 70-klapper afstak en hard wegliep riep ze “VUUR!”. Ze rende dan een meter of 10 weg, terwijl wij, heel stoer, die dingen in ons hand lieten afgaan. Binnen een half uur had ze de smaak te pakken, ze baalde als er ook maar 1 zo’n pietepeuterig rotje in dat lint van 70 niet afging, ze kreeg een wilde blik in haar ogen en raapte al die blindgangertjes bij elkaar. Toen zij al haar 70-knallers verschoten had vroegen wij ons af wat zij met die blindgangertjes van plan was. Wij zouden het snel weten .....
Langs ons flat lag een groenstrook waar iedere hondenbezitter zijn hond uitliet, het lag daar vol met, hoe kan het ook anders, hondendrollen. Ons buurmeisje bestudeerde die drollen met belangstelling, drukte een blindganger in het hart van zo’n ding, stak hem aan en luttele seconden later spatte een fontein van fecaliën over de stoep! Zij vond het prachtig en wij waren met stomheid geslagen. Voor haar laatste 2 blindgangers zocht zij een hele grote uit, draaide de 2 lontjes in elkaar, drukte ze in de hoop en stak ze aan, er gebeurde niets ..... Voorzichtig liep zij op de hoop af, bukte zich om te zien waarom het niet afging en BLAF! Een fontein spatte op, het buurmeisje besmeurend met de meest vieze en stinkende smurrie die je je bedenken kunt. “VUUR!”, riepen wij in koor ......